RPAD
Gebruikt een opgegeven opvulreeks om een tekenreeks rechts op te vullen tot een bepaalde grootte.
Syntaxis
RPAD(STRING, SIZE, PADSTRING)
Argumenten
STRING
Type: string
De tekenreeks die moet worden opgevuld.
SIZE
Type: bigint
Een niet-negatief geheel getal dat de lengte van de resulterende tekenreeks specificeert.
PADSTRING
Type: string
De tekenreeks die moet worden gebruikt voor opvulling. Deze mag niet leeg zijn.
Retourneert
Type: string
STRING rechts opgevuld tot SIZE met PADSTRING.
Als SIZE kleiner is dan de lengte van STRING, wordt het resultaat afgekapt tot SIZE tekens.
Voorbeelden
| TEKENREEKS | SIZE | PADSTRING | Uitvoer |
|---|---|---|---|
| Noem me Ismaël. Enkele jaren geleden | 7 | Noem me | |
| miezerige november | 16 | . | miezerige november |
| rechts | 1 | r | |
| wat | 9 | ?! | wat?!?!? |
| `null` | 9 | `''` | `null` |
| hoi | 5 | vijf | hifiv |