# Gedeeltelijke lading

Bij een volledige lading worden altijd eerst alle tabellen in het bestaande gegevensmodel verwijderd en vervolgens wordt het load-script uitgevoerd.

Bij een gedeeltelijke lading gebeurt dit niet. Hierbij blijven alle tabellen in het gegevensmodel behouden en worden alleen de instructies Load en Select uitgevoerd voorafgegaan door het voorvoegsel Add, Merge of Replace. Andere gegevenstabellen worden niet door de instructie beïnvloed. Het only-argument geeft aan dat de opdracht alleen tijdens gedeeltelijke ladingen moet worden uitgevoerd, en moet worden genegeerd tijdens volledige ladingen. In de volgende tabel vindt u een overzicht van de uitvoering van opdrachten voor gedeeltelijke en volledige ladingen.

| Opdracht | Volledige lading | Gedeeltelijke lading |
| --- | --- | --- |
| Load ... | Opdracht wordt uitgevoerd | Opdracht wordt niet uitgevoerd |
| Lading toevoegen/vervangen/samenvoegen ... | Opdracht wordt uitgevoerd | Opdracht wordt uitgevoerd |
| Alleen lading toevoegen/vervangen/samenvoegen ... | Opdracht wordt niet uitgevoerd | Opdracht wordt uitgevoerd |

Gedeeltelijk opnieuw laden heeft verschillende voordelen ten opzichte van volledig opnieuw laden:

* Sneller, omdat alleen recent gewijzigde gegevens hoeven te worden geladen. Bij grote gegevensverzamelingen is het verschil aanzienlijk.

* Er wordt minder geheugen verbruikt, omdat er minder gegevens worden geladen.

* Betrouwbaarder, omdat query's naar brongegevens sneller verlopen, waardoor het risico op netwerkproblemen wordt verminderd.

InformatieOm ervoor te zorgen dat een gedeeltelijke lading correct werkt, moet de app met gegevens worden geopend voordat een gedeeltelijke lading wordt geactiveerd.

Voer een gedeeltelijke lading uit met de knop Opnieuw laden.Ga voor meer informatie naar [Knop](https://help.qlik.com/nl-NL/sense/May2025/Subsystems/Hub/Content/Sense_Hub/Visualizations/Button/button.htm). U kunt ook de Qlik Engine JSON API gebruiken.

## Beperkingen

Gedeeltelijk laden zal mislukken als er opdrachten zijn met verwijzingen naar tabellen die tijdens de volledige laden al bestonden, maar niet tijdens de gedeeltelijke lading.

[](https://help.qlik.com/en-US/sense/Subsystems/Hub/Content/Sense_Hub/Scripting/ScriptPrefixes/PartialReload.htm)

#### Voorbeeld

### Voorbeeldopdrachten

```
LEFT JOIN(<Table_removed_after_full_reload>)
```

```
CONCATENATE(<Table_removed_after_full_reload>)
```

Waar &lt;Table\_removed\_after\_full\_reload&gt; een tabel is die in de volledige lading bestond maar niet in de gedeeltelijke lading.

### Tijdelijke oplossing

Als tijdelijke oplossing kunt u de opdracht integreren in de volgende if-statement:

```
IF NOT IsPartialReload() THEN ... ENDIF.
```

Bij een gedeeltelijke lading kunnen waarden van de gegevens worden verwijderd. Dit wordt echter niet weergegeven in de lijst met bijzondere waarden. Dit is een lijst die intern wordt bijgehouden. Dat betekent dat de lijst, na gedeeltelijk opnieuw laden, alle bijzondere waarden zal bevatten die in het veld hebben bestaan sinds de laatste volledige lading. Dit kan meer zijn dan wat er op dit moment bestaat na de gedeeltelijke lading. Dit treft de uitvoer van de functies FieldValueCount() en FieldValue(). De functie FieldValueCount() zou mogelijk een aantal kunnen retourneren dat groter is dan het huidige aantal veldwaarden.

[](https://help.qlik.com/en-US/sense/Subsystems/Hub/Content/Sense_Hub/Scripting/ScriptPrefixes/PartialReload.htm)

#### Voorbeeld

## Voorbeeld 1

### Load-script

Voeg het voorbeeldscript toe aan uw app en voer een gedeeltelijke lading uit. Voeg vervolgens de velden die in de resultatenkolom staan toe aan een werkblad in uw app om het resultaat te bekijken.

```
T1:
Add only Load distinct recno()+10 as Num autogenerate 10;      
```

### Resultaat

Resulting table

| Num | Count(Num) |
| --- | --- |
| 11 | 1 |
| 12 | 1 |
| 13 | 1 |
| 14 | 1 |
| 15 | 1 |
| 16 | 1 |
| 17 | 1 |
| 18 | 1 |
| 19 | 1 |
| 20 | 1 |

### Uitleg

De opdracht wordt alleen tijdens een gedeeltelijke lading uitgevoerd. Als het prefix 'distinct' wordt weggelaten, zal het aantal van het veld Num na elke opeenvolgende gedeeltelijke lading worden verhoogd.

## Voorbeeld 2

### Load-script

Voeg het voorbeeldscript toe aan uw app. Voer een volledige lading uit en bekijk het resultaat. Voer vervolgens een gedeeltelijke lading uit en bekijk het resultaat. Voeg vervolgens de velden die in de resultatenkolom staan toe aan een werkblad in uw app om de resultaten te bekijken.

```

T1:
Load recno() as ID, recno() as Value autogenerate 10;

T1:
Replace only Load recno() as ID, repeat(recno(),3) as Value autogenerate 10; 
```

### Resultaat

Output table after full reload

| ID | Value |
| --- | --- |
| 1 | 1 |
| 2 | 2 |
| 3 | 3 |
| 4 | 4 |
| 5 | 5 |
| 6 | 6 |
| 7 | 7 |
| 8 | 8 |
| 9 | 9 |
| 10 | 10 |

Output table after partial reload

| ID | Value |
| --- | --- |
| 1 | 111 |
| 2 | 222 |
| 3 | 333 |
| 4 | 444 |
| 5 | 555 |
| 6 | 666 |
| 7 | 777 |
| 8 | 888 |
| 9 | 999 |
| 10 | 101010 |

### Uitleg

De eerste tabel is geladen tijdens een volledige lading en de tweede tabel vervangt de eerste tabel tijdens een gedeeltelijke lading.

## Meer informatie

* [Load](https://help.qlik.com/nl-NL/sense/May2025/Subsystems/Hub/Content/Sense_Hub/Scripting/ScriptRegularStatements/Load.htm)
* [Select](https://help.qlik.com/nl-NL/sense/May2025/Subsystems/Hub/Content/Sense_Hub/Scripting/ScriptRegularStatements/Select.htm)
* [Add](https://help.qlik.com/nl-NL/sense/May2025/Subsystems/Hub/Content/Sense_Hub/Scripting/ScriptPrefixes/Add.htm)
* [Merge](https://help.qlik.com/nl-NL/sense/May2025/Subsystems/Hub/Content/Sense_Hub/Scripting/ScriptPrefixes/Merge.htm)
* [Replace](https://help.qlik.com/nl-NL/sense/May2025/Subsystems/Hub/Content/Sense_Hub/Scripting/ScriptPrefixes/Replace.htm)