Dialoogvenster Waarschuwingen

De eenvoudigste manier om een waarschuwing te maken, is met de waarschuwingswizard. U activeert deze wizard via het menu Extra.
Het dialoogvenster Waarschuwingen wordt geopend vanuit het menu Extra. In dit dialoogvenster beheert u waarschuwingen die zijn opgeslagen als onderdeel van het QlikView-document. Waarschuwingen kunnen worden geactiveerd vanuit elke willekeurige Windows-versie van QlikView (dus niet vanuit AJAX-clients).

Een waarschuwing is een samengestelde eenheid die gewoonlijk uit drie basisonderdelen bestaat:

  1. Een voorwaarde, dat is een Qlikview-uitdrukking waarmee een logische voorwaarde wordt uitgedrukt. Deze uitdrukking kan Waar of Onwaar zijn.
  2. Een logische status (bladwijzer, alle statussen of huidige selectiestatus wissen) die moet worden toegepast voordat de status van de voorwaardelijke uitdrukking wordt gecontroleerd.
  3. Een of meer acties die moeten worden uitgevoerd wanneer de voorwaarde wordt gecontroleerd en resulteert in de logische waarde Waar. Veel voorkomende acties zijn het tonen van een bericht in een pop-up-venster of het verzenden van een e-mail naar een of meerdere ontvangers. Meer acties kunnen worden geprogrammeerd met macro's.

Als wordt voldaan aan de voorwaarden en de actie(s) word(t)(en) uitgevoerd, wordt de waarschuwing gestart. De controle op de voorwaarden voor een QlikView-waarschuwing kan op drie verschillende manieren worden geactiveerd:

  1. Automatisch in de QlikView-opmaak als het waarschijnlijk is dat de gegevens van het document zijn gewijzigd, bijvoorbeeld bij het openen van het document, het uitvoeren van het script of het uitvoeren van de bewerking Gegevens reduceren.
  2. Handmatig met een macro via speciale Automatiserings-API's.

    Tip: Zie voor meer informatie het QlikView-bestand Qv7_APIguide.qvw. Dit is een zeer nuttig QlikView-bestand waarin het gebruik van de macrofunctionaliteit in QlikView wordt beschreven. Het bestand wordt in het algemeen geïnstalleerd bij het programma.
  3. Extern vanuit programma's waarop QlikView in batchmodus wordt uitgevoerd en die een speciale automatiserings-API hebben om een lijst met gestarte waarschuwingen in een bepaalde context op te halen

Bij het gebruik van grote aantallen door macro's geactiveerde waarschuwingen is zorgvuldigheid geboden, zodat het document niet traag wordt!

Het dialoogvenster Waarschuwingen

Links boven in het dialoogvenster bevindt zich een lijst met waarschuwingen. Hierin worden alle waarschuwingen weergegeven die momenteel zijn gedefinieerd in het document. De lijst telt drie kolommen: ID, Activeren en Omschrijving.

ID De unieke ID van de waarschuwing wordt weergegeven in het tekstvak ID en in de lijst met waarschuwingen. Bij aanmaak wordt in QlikView aan elke opmaakentiteit, inclusief waarschuwingen, een unieke ID toegekend voor automatische controle via een macro. Aan de eerste waarschuwing van het document wordt de ID AL01 toegewezen. Dit ID-nummer kan later worden bewerkt in het tekstvak ID.
Activeren Schakel deze optie in of uit om de waarschuwing te activeren of te deactiveren.
Beschrijving Omschrijving van een waarschuwing zoals gedefinieerd onder Omschrijving (zie verderop).
Toevoegen Met de knop Toevoegen voegt u een nieuwe standaardwaarschuwing toe aan de lijst die u daarna kunt aanpassen.
Verwijderen U verwijdert een waarschuwing uit de lijst door deze te selecteren en vervolgens op de knop Verwijderen te klikken.
Voorwaarde De groep Voorwaarde wordt gebruikt om de voorwaardelijke uitdrukking te definiëren. (Voorwaarde)
Dit is een QlikView-uitdrukking die de logische waarde Waar (niet-nul) moet opleveren om de waarschuwing te starten.
Alles wissen
Als deze optie is ingeschakeld, worden alle selecties tijdelijk opgeheven voordat de waarschuwingsvoorwaarde wordt getest.
Bladwijzer
Als Alles wissen niet is ingeschakeld, kunt u een bladwijzer opgeven die moet worden toegepast voordat de waarschuwingsvoorwaarde wordt getest. De bladwijzer moet worden opgegeven als een bladwijzer-ID. De waarschuwing werkt alleen correct als de bladwijzer daadwerkelijk bestaat. Als er geen bladwijzer is opgegeven en de optie Alles wissen niet is ingeschakeld, worden de huidige selecties (dat wil zeggen de logische status van het document) gebruikt voor het testen van de waarschuwingsvoorwaarde.
Gebeurtenissen De groep Gebeurtenissen wordt gebruikt om automatische controles op gebeurtenissen te definiëren.
Bij openen
De waarschuwing wordt automatisch gecontroleerd bij het openen van het document.
Bij postherladen
De waarschuwing wordt automatisch gecontroleerd na het uitvoeren van een script (opnieuw laden) van het document. Daarnaast wordt de waarschuwing ook gecontroleerd bij het openen van het document, als de tijd op het laatste tijdsstempel voor opnieuw laden die is opgeslagen in het document, later is dan de tijd waarop de waarschuwing de laatste keer werd gecontroleerd.
Bij postreductie
De waarschuwing wordt automatisch gecontroleerd na een gegevensreductie (opdracht Gegevens reduceren) van het document. Daarnaast wordt de waarschuwing ook gecontroleerd bij het openen van het document, als de tijd op het laatste tijdsstempel voor gegevensreductie die is opgeslagen in het document, later is dan de tijd waarop de waarschuwing de laatste keer werd gecontroleerd.
Vertraging
Het opnieuw genereren van automatisch gecontroleerde waarschuwingen kan een bepaald aantal Dagen worden onderdrukt nadat een waarschuwing is gegenereerd. Met decimalen kunt u gedeelten van een dag opgeven. De waarde 0 betekent dat er geen vertraging wordt toegepast.
Reactieveroorzakerniveau
Het opnieuw starten van automatisch gecontroleerde waarschuwingen kan ook worden onderdrukt op basis van de wijziging van de waarschuwingsstatus na het genereren. In deze vervolgkeuzelijst kunt u kiezen uit drie niveaus van opnieuw optreden:
Altijd
betekent dat de waarschuwing elke keer wordt weergegeven na het optreden van de reactieveroorzaker(s) terwijl er wordt voldaan aan de waarschuwingsvoorwaarde.
Berichtwijzigingen
betekent dat het starten van de waarschuwing wordt onderdrukt tot het bericht van de waarschuwing verandert. Dit is uiteraard alleen van belang bij dynamische berichttekst. (Opmerking: de status van de waarschuwingsvoorwaarde hoeft niet per sé te worden gewijzigd om ervoor te zorgen dat het geëvalueerde bericht wordt gewijzigd. Een wijziging in de regel voor Onderwerp (zie hieronder) wordt ook beschouwd als een verandering van het bericht.)
Statuswijzigingen
betekent dat het starten van de waarschuwing wordt onderdrukt totdat de waarschuwingsstatus verandert, dat wil zeggen dat er niet aan de waarschuwingsvoorwaarde werd voldaan tijdens ten minste één controlecyclus, maar dat er tijdens een latere controlecyclus wel aan wordt voldaan. Dit is het striktste type waarschuwingsonderdrukking.
Pop-up tonen Schakel de optie Pop-up tonen in als u het waarschuwingsbericht wilt weergeven als pop-up.
Aangepaste pop-up gebruiken

In de groep Aangepaste pop-up gebruiken kunt u een aangepaste pop-up-opmaak definiëren voor de geselecteerde waarschuwing. Door dit alternatief in te schakelen, kunt u de standaardinstellingen voor waarschuwingspop-ups vervangen die zijn gedefinieerd in Documenteigenschappen: Algemeen. Met de knop Pop-upinstellingen opent u het dialoogvenster Pop-up-vensterinstellingen.

Zie: Pop-up-vensterinstellingen

Mode In de groep Modus kunt u de relevante opties inschakelen om een waarschuwing te definiëren als Interactief (wordt automatisch gestart in opmaak) en/of als een waarschuwing die van belang is voor externe programma's waarop QlikView wordt uitgevoerd in Reeks-modus (uitvoering vanaf opdrachtregel), bijv. QlikView Publisher, via de speciale automatiserings-API voor reekswaarschuwingen. Als geen van de opties in deze groep is ingeschakeld, kan de waarschuwing nog steeds handmatig worden gecontroleerd via macro's.
Beschrijving Een opmerkingenveld waarin de maker van een waarschuwing het doel van de waarschuwing kan beschrijven. Deze tekst wordt alleen gebruikt in de lijst met waarschuwingen in dit dialoogvenster.
Bericht

In het tekstvak Bericht typt u het bericht dat moet worden weergegeven bij de waarschuwing. Voor pop-up-waarschuwingen wordt de tekst weergegeven in de pop-up, voor e-mailwaarschuwingen is dit de hoofdtekst van de e-mail. Het tekstbericht kan worden gedefinieerd als een berekende formule die dynamisch wordt bijgewerkt. Klik op de knop ... om het dialoogvenster Uitdrukking bewerken te openen. Hierin kunt u lange formules eenvoudiger bewerken.

Zie: Uitdrukkingssyntaxis voor berekende formules

Onderwerp In het tekstvak Onderwerp kan een tekst worden ingevoerd voor de onderwerpregel in e-mailwaarschuwingen. De tekst kan worden gedefinieerd als een berekende labeluitdrukking die dynamisch wordt bijgewerkt. Klik op de knop ... om het dialoogvenster Uitdrukking bewerken te openen. Hierin kunt u lange formules eenvoudiger bewerken. Als niets wordt ingevoerd, wordt op de onderwerpregel de tekst 'QlikView Alert' weergegeven.
E-mailontvangers Het deelvenster E-mailontvangers is een lijst met e-mailadressen die zijn gescheiden door een puntkomma. Er wordt naar elk adres een e-mail verzonden zodra de waarschuwing van toepassing is. De lijst kan worden gedefinieerd als een berekende tekenreeksuitdrukking die dynamisch wordt bijgewerkt.