Formaat en positie van grafiekcomponenten wijzigen

Veel individuele grafiekcomponenten kunnen van formaat of positie worden gewijzigd.

Als u op de toetsen Shift en Ctrl drukt en deze ingedrukt houdt, komt u in de bewerkingsmodus voor de grafiek die op dat moment actief is. In de bewerkingsmodus verschijnen er dunne rode rechthoeken om de grafiekcomponenten waarvan u het formaat of de positie kunt wijzigen. Door met de muis te slepen en neer te zetten kunt u componenten verplaatsen.

De volgende componenten kunnen worden bewerkt:

Zowel het formaat als de positie van de titel en de legenda van de grafiek kunnen worden gewijzigd. U kunt ze aan de boven-, onder- linker-, of rechterrand van de grafiek vastmaken (docken) of op een willekeurige zwevende positie in de grafiek plaatsen.

Zwevende grafiektekst kan naar elke willekeurige positie in de grafiek worden verplaatst. U kunt het formaat van de omlijning vergroten om meer tekst(regels) te kunnen plaatsen.

Ook het formaat van de ruimten voor de grafiekassen en de bijbehorende labels kunnen worden gewijzigd.

Pictogrammen voor cyclusuitdrukkingen en pictogrammen voor de snelle wijziging door grafiektypen kunnen naar elke gewenste zwevende positie in de grafiek worden verplaatst.

Het formaat of de positie van het tekengebied zelf kan niet in de bewerkingsmodus worden gewijzigd. Het tekengebied wordt geplaatst in de beschikbare ruimte tussen de assen en de gedockte legenda en titel.