# Oracle

Deze sectie beschrijft hoe u de verbinding met een Oracle-doel moet configureren met behulp van de Oracle-doelconnector. Oracle kan alleen als doel worden gebruikt in een replicatietaak. Voordat u verbinding kunt maken met een Oracle-doel, moet u de [Vereiste machtigingen](https://help.qlik.com/nl-NL/cloud-services/Subsystems/Hub/Content/Sense_Hub/DataIntegration/TargetConnections/oracle-target.htm#Permissi) voor de database configureren. Als u via Data Movement gateway verbinding maakt met Oracle, moet u ook het stuurprogramma installeren zoals beschreven in [Setup stuurprogramma](https://help.qlik.com/nl-NL/cloud-services/Subsystems/Hub/Content/Sense_Hub/DataIntegration/TargetConnections/oracle-target.htm#Driver).

Voor informatie over de beperkingen en overwegingen bij het gebruik van de Oracle-connector raadpleegt u [Beperkingen en overwegingen](https://help.qlik.com/nl-NL/cloud-services/Subsystems/Hub/Content/Sense_Hub/DataIntegration/TargetConnections/oracle-target.htm#Limitati).

## Verbindingseigenschappen instellen

Ga als volgt te werk om de connector te configureren:

1. Klik in Verbindingen op Verbinding maken.

2. Selecteer de Oracle-doelconnector en stel de volgende instellingen in:

### Gegevensdoel

* Gegevensgateway: Bij het werken met Data Movement gateway selecteert u de gegevensgateway die wordt gebruikt om de verbinding naar het Oracle-doel te testen. Dit moet dezelfde gateway zijn die is gebruikt om toegang tot de gegevensbron te krijgen.

  Informatie

  * Dit veld is niet beschikbaar bij een Qlik Talend Cloud Starter-abonnement omdat Data Movement gateway niet wordt ondersteund bij dit abonnementsniveau.

  * U moet ook het juiste stuurprogramma installeren op een Data Movement gateway-machine. Voor meer informatie raadpleegt u [Setup stuurprogramma](https://help.qlik.com/nl-NL/cloud-services/Subsystems/Hub/Content/Sense_Hub/DataIntegration/TargetConnections/oracle-target.htm#Driver) hieronder.

* Verbindingstekenreeks: de Oracle-verbindingstekenreeks voor de Oracle-database waarmee u wilt werken.

  Informatie

  * Voordat u naar een Oracle Autonomous Data Warehouse gaat repliceren, moet u eerst de procedure uitvoeren die wordt beschreven in [Verbinding maken met een autonoom Oracle-datawarehouse](https://help.qlik.com/nl-NL/cloud-services/Subsystems/Hub/Content/Sense_Hub/DataIntegration/TargetConnections/oracle-target.htm#Connecti).
  * Deze gegevens zijn hoofdlettergevoelig.

### Accounteigenschappen

Gebruikersnaam en Wachtwoord: de gebruikersnaam en het wachtwoord van een gebruiker die toegang heeft tot de Oracle Server-database.

### Interne eigenschappen

Interne eigenschappen zijn bedoeld voor speciale toepassingen en worden daarom niet in het dialoogvenster weergegeven. U moet ze alleen gebruiken als Qlik Support dit aan u heeft geadviseerd.

Gebruik de knop the Nieuwe maken icon en the Annuleren icon aan de rechterkant van de velden om eigenschappen toe te voegen of te verwijderen.

### Naam

De weergavenaam voor de verbinding.

## Vereisten

### Vereiste machtigingen

De gebruiker die is opgegeven in de verbindingstekenreeks moet de volgende machtigingen toegekend krijgen in de Oracle-database:

* CREATE ANY TABLE

* CREATE ANY INDEXES

* ALTER ANY TABLE

* DROP ANY TABLE

* INSERT ANY TABLE

* UPDATE ANY TABLE

* DELETE ANY TABLE

* SELECT ANY TABLE

* SELECT all\_indexes

* SELECT all\_ind\_columns

* SELECT all\_constraints

* SELECT all\_cons\_columns

* LOCK ANY TABLE

### Setup stuurprogramma

U kunt het driver installeren met het installatieprogramma (aanbevolen) of handmatig. U moet een handmatige installatie alleen uitvoeren als er een probleem ontstaat bij het hulpprogramma.

#### Het hulpprogramma gebruiken om het stuurprogramma te installeren

In deze sectie wordt beschreven hoe u het vereiste driver installeert. Het proces omvat het uitvoeren van een script dat automatisch het vereiste driver downloadt, installeert en configureert. U kunt indien nodig ook scripts uitvoeren om het driver bij te werken en verwijderen.

De installatie voorbereiden

* Controleer of Python 3.6 of hoger is geïnstalleerd op de Data Movement-gatewayserver.

  Python is al geïnstalleerd op de meeste Linux-distributies. U kunt controleren welke Python-versie is geïnstalleerd op uw systeem door de volgende opdracht uit te voeren:

  python3 --version

De driver installeren

Ga als volgt te werk om het driverte downloaden en installeren:

1. Op de Data Movement-gatewaymachine wijzigt u de werkdirectory in:

   opt/qlik/gateway/movement/drivers/bin

2. Voer de volgende opdracht uit:

   Syntaxis:

   ./install oracle

   Als het driver niet kan worden gedownload (vanwege toegangsbeperkingen of technische problemen), wordt er een melding getoond met de instructies voor het downloaden van het driver en waarnaar u het moet kopiëren op de Data Movement-gatewaymachine. Nadat u dit hebt gedaan, voert u de opdracht install oracle nogmaals uit.

   Anders wordt de gebruiksrechtovereenkomst voor het driver getoond.

3. Voer een van de volgende handelingen uit:

   * Druk herhaaldelijk op [Enter] om langzaam door de gebruiksrechtovereenkomst te scrollen.
   * Druk herhaaldelijk op de spatiebalk om snel door de gebruiksrechtovereenkomst te scrollen.
   * Druk op q om de licentietekst af te sluiten en de opties te tonen voor het aanvaarden van de gebruiksrechtovereenkomst.

4. Voer een van de volgende handelingen uit:

   * Typ "y" en druk op [Enter] om de gebruiksrechtovereenkomst te accepteren en de installatie te starten.

   * Typ "n" en druk op [Enter] om de gebruiksrechtovereenkomst af te wijzen en de installatie af te sluiten.

   * Typ "v" en druk op [Enter] om de gebruiksrechtovereenkomst nogmaals te tonen.

   Het driver wordt geïnstalleerd.

Het driver bijwerken

Voer de update-opdracht uit als u eerdere versies van het driver wilt verwijderen voordat u het meegeleverde driver installeert.

Ga als volgt te werk om het driver te downloaden en bij te werken:

1. Op de Data Movement-gatewaymachine wijzigt u de werkdirectory in:

   opt/qlik/gateway/movement/drivers/bin

2. Voer de volgende opdracht uit:

   Syntaxis:

   ./update oracle

   Als het driver niet kan worden gedownload (vanwege toegangsbeperkingen of technische problemen), wordt er een melding getoond met de instructies voor het downloaden van het driver en waarnaar u het moet kopiëren op de Data Movement-gatewaymachine. Nadat u dit hebt gedaan, voert u de opdracht update oracle nogmaals uit.

   Anders wordt de gebruiksrechtovereenkomst voor het driver getoond.

3. Voer een van de volgende handelingen uit:

   * Druk herhaaldelijk op [Enter] om langzaam door de gebruiksrechtovereenkomst te scrollen.
   * Druk herhaaldelijk op de spatiebalk om snel door de gebruiksrechtovereenkomst te scrollen.
   * Druk op q om de licentietekst af te sluiten en de opties te tonen voor het aanvaarden van de gebruiksrechtovereenkomst.

4. Voer een van de volgende handelingen uit:

   * Typ "y" en druk op [Enter] om de gebruiksrechtovereenkomst te accepteren en de installatie te starten.
   * Typ "n" en druk op [Enter] om de gebruiksrechtovereenkomst af te wijzen en de installatie af te sluiten.
   * Typ "v" en druk op [Enter] om de gebruiksrechtovereenkomst nogmaals vanaf het begin te tonen.

   Het oude driver wordt verwijderd en het nieuwe driver wordt geïnstalleerd.

Het driver verwijderen

Voer de uninstall-opdracht uit als u het driver wilt verwijderen.

Ga als volgt te werken om het driver te verwijderen:

1. Stop alle taken die zijn geconfigureerd om deze connector te gebruiken.

2. Op de Data Movement-gatewaymachine wijzigt u de werkdirectory in:

   opt/qlik/gateway/movement/drivers/bin

3. Voer de volgende opdracht uit:

   Syntaxis:

   ./uninstall oracle

   driver wordt verwijderd.

#### Het stuurprogramma handmatig installeren

U moet het driver alleen handmatig uitvoeren als de geautomatiseerde installatie van het stuurprogramma niet is voltooid.

Nadat Data Movement gateway is geïnstalleerd, downloadt u het oracle-instantclient-basiclite-&lt;version&gt;.x86\_64.rpm stuurprogramma. U vindt een directe downloadlink naar de ondersteunde versie onder binary-artifacts in /opt/qlik/gateway/movement/drivers/manifests/oracle.yaml. Nadat de download is voltooid, kopieert u de RPM naar de machine met de Data Movement gateway.

Open vervolgens op de Data Movement gateway-server een opdrachtregel en doe het volgende:

1. Stop de Data Movement gateway-service:

   sudo systemctl stop repagent

2. Bevestig eventueel dat de service is gestopt:

   sudo systemctl status repagent

   De status zou als volgt moeten zijn:

   Active: inactive (dead) since &lt;timestamp&gt; ago

3. Installeer het stuurprogramma (RPM).

4. Maak bovendien een symbolische koppeling in de `$Oracle_Home\lib`-directory, als die nog niet in uw systeem aanwezig is. Noem de koppeling `libclntsh.so`, en verwijs het naar een specifieke versie van dit bestand.

   Voorbeeld:

   lrwxrwxrwx 1 oracle oracle 63 Oct 2 14:16 libclntsh.so -&gt; /u01/app/oracle/home/lib/libclntsh.so.21.1

5. Wijzig de werkdirectory in &lt;Data Movement gateway-Install-Dir&gt;/bin en voeg de omgevingsvariabele `LD_LIBRARY_PATH` toe aan de Oracle instant client-directory en aan de Data Movement gateway lib-directory door de locatie van het stuurprogramma te kopiëren naar het `site_arep_login.sh`-bestand:

   echo "export LD\_LIBRARY\_PATH=\$LD\_LIBRARY\_PATH:/opt/oracle/instantclient\_&lt;version&gt;:/opt/qlik/gateway/movement/lib/" &gt;&gt; site\_arep\_login.sh

6. Bevestig eventueel dat de locatie van stuurpogramma is gekopieerd:

   ```
   cat site_arep_login.sh
                           
   ```

7. Start de Data Movement gateway-service:

   sudo systemctl start repagent

8. Bevestig eventueel dat de service is gestart:

   sudo systemctl status repagent

   De status zou als volgt moeten zijn:

   Active: active (running) since &lt;timestamp&gt; ago

### Verbinding maken met een autonoom Oracle-datawarehouse

Voer de volgende procedure uit bij het repliceren naar een Oracle Autonomous Data Warehouse.

Om een verbinding met een Oracle Autonomous Data Warehouse (ADW) tot stand te brengen, hebt u het ZIP-bestand met clientreferenties (wallet) nodig, dat u hebt gedownload toen u de omgeving voor Oracle Autonomous Data Warehouse hebt ingesteld.

Ga als volgt te werk om de Qlik Talend Data Integration te verbinden met Oracle Autonomous Data Warehouse:

1. Pak de inhoud uit van het ZIP-bestand met clientreferenties in een map naar keuze.

   Dit kan elke map zijn, maar voor het doel van deze procedure gebruiken we /home/adw\_credentials als Linux-map die de uitgepakte bestanden bevat.

2. In de map met de uitgepakte bestanden bewerkt u het bestand sqlnet.ora door ?/network/admin te vervangen door het pad van de map die de uitgepakte bestanden bevat:

   `WALLET_LOCATION = (SOURCE = (METHOD = file) (METHOD_DATA = (DIRECTORY="/home/adw_credentials")))`

   `SSL_SERVER_DN_MATCH=yes`

3. Maak de omgevingsvariabele TNS\_ADMIN en stel in de locatie in op het referentiebestand.

   Voer de volgende opdrachten uit:

   `export TNS_ADMIN=/home/adw_credentials`

   `export PATH=$TNS_ADMIN:$PATH`

4. Op het veld Verbindingstekenreeks van de Oracle Target-connector, geeft u een van de namen op uit het bestand tnsnames.ora.

Voor meer informatie over het instellen van een verbinding naar Oracle ADW, gaat u naar:

[Verbinding maken met een autonome transactieverwerking via een clientapplicatie](https://docs.oracle.com/en/cloud/paas/atp-cloud/atpug/connect-preparing.html#GUID-EFAFA00E-54CC-47C7-8C71-E7868279EF3B)

## Beperkingen en overwegingen

De volgende beperkingen gelden bij gebruik van Oracle als een replicatiedoel:

* Het is niet mogelijk om nieuwe schema's te maken in de Oracle-database. De naam van het nieuwe schema moet al aanwezig zijn in de doeldatabase om een nieuw schema te repliceren. U moet vervolgens de naam van het nieuwe schema opgeven op het tabblad [Metadata](https://help.qlik.com/nl-NL/cloud-services/Subsystems/Hub/Content/Sense_Hub/DataIntegration/Replicating/replicating-settings-metadata.htm) van de taakinstellingen.

* Lege LOB-kolommen worden mogelijk als NULL-waarden gerepliceerd als u werkt in de modus [Batchgewijs optimaliseren toepassen](https://help.qlik.com/nl-NL/cloud-services/Subsystems/Hub/Content/Sense_Hub/DataIntegration/Replicating/replicating-settings-replication.htm).

* Nadat de volledige lading is voltooid, als de optie LOB-grootte beperken tot is ingeschakeld en een tabel NCLOB-gegevens bevat, wordt de NCLOB-grootte in het doel afgekapt tot de helft van de omvang die is opgegeven op het veld [LOB-grootte beperken tot](https://help.qlik.com/nl-NL/cloud-services/Subsystems/Hub/Content/Sense_Hub/DataIntegration/Replicating/replicating-settings-metadata.htm). CDC zal dit afkappen op basis van de limiet.

## Gegevenstypen

Informatie in eigen gegevenstypen wordt behouden en wordt weergegeven in de kolom Eigen gegevenstype in weergaven van gegevensverzamelingen. Als de kolom niet zichtbaar is, moet u de kolomkiezer van de weergave van de gegevensverzameling openen en de kolom Eigen gegevenstype selecteren.

Gegevenstypen

| Gegevenstypen Qlik Cloud | Oracle-gegevenstypen |
| --- | --- |
| BOOLEAANSE WAARDE | NUMBER (1) |
| BYTES | RAW (length) |
| DATUM | DATETIME |
| TIJD | TIMESTAMP (0) |
| DATETIME | If scale &lt;= 9, then TIMESTAMP (scale)<br><br>Otherwise, VARCHAR2 (37) |
| INT1 | NUMBER (3) |
| INT2 | NUMBER (5) |
| INT4 | NUMBER (10) |
| INT8 | NUMBER (19) |
| NUMERIEK | NUMBER (p,s) |
| REAL4 | BINARY\_FLOAT |
| REAL8 | BINARY\_DOUBLE |
| TEKENREEKS | With date indication: DATE<br><br>With time indication: TIMESTAMP<br><br>With timestamp indication: TIMESTAMP<br><br>With timestamp\_with\_timezone indication: TIMESTAMP WITH TIMEZONE<br><br>With timestamp\_with\_local\_timezone indication: TIMESTAMP WITH LOCAL TIMEZONE<br><br>With interval\_year\_to\_month indication: INTERVAL YEAR TO MONTH<br><br>With interval\_day\_to\_second indication: INTERVAL DAY TO SECOND<br><br>If Length &gt; 4000: CLOB<br><br>In all other cases: VARCHAR2 (Length) |
| UINT1 | NUMBER (3) |
| UINT2 | NUMBER (5) |
| UINT4 | NUMBER (10) |
| UINT8 | NUMBER (19) |
| WSTRING | NVARCHAR2 (length)<br><br>Als de lengte groter is dan 2000, is het kolomgegevenstype NCLOB. |
| BLOB | BLOB<br><br>Informatie<br><br><ul> <li>Om dit gegevenstype te gebruiken in een replicatietaak, moet u het gebruik van BLOB's inschakelen voor een specifieke taak.</li> <li>Tijdens CDC of een volledie lading als de optie <span>Onbeperkte LOB-grootte toestaan</span> is ingecshakeld, worden LOB-gegevenstypen alleen in tabellen ondersteund als een primaire sleutel of unieke index. </li> </ul> |
| CLOB | CLOB<br><br>Informatie<br><br><ul> <li>Om dit gegevenstype te gebruiken in een replicatietaak, moet u het gebruik van CLOB's inschakelen voor een specifieke taak.</li> <li>Tijdens CDC of een volledie lading als de optie <span>Onbeperkte LOB-grootte toestaan</span> is ingecshakeld, worden LOB-gegevenstypen alleen in tabellen ondersteund als een primaire sleutel of unieke index. </li> </ul> |
| NCLOB | NCLOB<br><br>Informatie<br><br><ul> <li>Om dit gegevenstype te gebruiken in een replicatietaak, moet u het gebruik van NCLOB's inschakelen voor een specifieke taak.</li> <li>Tijdens CDC of een volledie lading als de optie <span>Onbeperkte LOB-grootte toestaan</span> is ingecshakeld, worden LOB-gegevenstypen alleen in tabellen ondersteund als een primaire sleutel of unieke index. </li> </ul> |
| Het XMLTYPE-doelgegevenstype is alleen relevant in Oracle-to-Oracle replicatietaken. Zie de opmerking hieronder. | XMLTYPE |